Tegel algemeen.png
Sector
  • Po

Vreemde vogels

20-7-2016

​Lesvoorbeeld, samenhang beeldend (KO), biologie, geschiedenis (OJW), groep 5 t/m 8

Basisschool De Trekvogel staat in een vogelrijke omgeving. Om die reden besteedt de school veel aandacht aan de vogeltrek en leefwijze van vogels.
De leerlingen hebben tijdens de biologielessen geleerd dat er allerlei soorten vogels en vogelsoorten zijn. Ze vinden het onderwerp boeiend en vooral de leerlingen van groep 7 en 8 beschikken al over veel kennis. De leerlingen vinden het leuk om naar de eigenaardige en/of bijzondere eigenschappen van vogels te kijken.
Op basis hiervan krijgen de leerlingen de volgende opdracht:
Ontwerp je eigen 'vreemde vogel': schets een zelfbedachte nieuwe vogel door typerende kenmerken van drie verschillende vogels te combineren. Bijvoorbeeld de lange staart van de ene vogel en de hoekige snavel, of lange poten van een andere vogel. Let daarbij wel op de lichaamsverhoudingen van de vogel. Maak je tekening zo dat anderen denken dat het een bestaande vogel is. Maak eerst een aantal schetsen en werk de beste uit met aquarelverf.
Onderstaande fragmenten geven een beeld van de verschillende fasen van het creatieve proces tijdens deze opdracht.
Het totale lesvoorbeeld (incl. competenties, leerdoelen en beoordelingscriteria) vindt u hiernaast in de pdf.


 

​Oriënteren

​Oriënteren, veel vogels opschrijven

De leerlingen starten met het opschrijven van allerlei vogels die ze kennen. Op deze manier halen ze hun kennis over vogels op, verwoorden die en delen dit daarna met de kinderen uit hun groepje. Vervolgens legt de leerkracht uit dat ze in groepjes de vogels moeten verdelen over vier categorieën. Ze noemen om de beurt hun vogels op die bijvoorbeeld bij de categorie zwemvogels horen. De leerkracht helpt de leerlingen bij het categoriseren.

​Oriënteren, omgaan met verschillen

Doordat de leerkracht de opdracht koppelt aan een bepaalde tijdsduur en zo houdt ze de vaart erin. Hierdoor blijven de meeste leerlingen alert. Een van de leerlingen uit groep 6 heeft de diagnose ADHD en is heel erg druk. Hij lijkt aanvankelijk niet op te letten en wordt op een handige manier gecorrigeerd zonder dat het proces van de les wordt verstoord.

​Oriënteren, categoriseren

Soms corrigeren leerlingen elkaar: "een pelikaan is geen zwemvogel maar een steltloper!" Een groep meisjes ontdekt vogels die niet bij een van de genoemde soorten horen. De leerkracht geeft aan dat ze een nieuwe categorie mogen toevoegen als dit nodig is

​Oriënteren, huisvogels

Als de leerlingen klaar zijn met de opdracht koppelt de leerkracht de uitkomsten terug naar de hele groep. Een meisje legt uit wat huisvogels zijn en geeft een voorbeeld.

​Oriënteren, vogelschilderij

De leerkracht vertelt dat de leerlingen op een laptop een vogelschilderij gaan bekijken. Ze laat zien hoe ze op de website van het Rijksmuseum het schilderij van Melchior d'Hondecoeter ‘Het drijvende veertje' kunnen vinden. Ze vraagt de leerlingen om dit in tweetallen op de laptop te bekijken en er over te praten. Ze kunnen kijken naar de verschillende soorten vogels, naar de kleuren, de lichaamsverhoudingen en naar alles wat hen nog meer opvalt

​Oriënteren, donker en eng

De leerlingen lijken het interessant te vinden om op hun laptop iets op te zoeken. Ze hebben hiermee al enige ervaring. De kenmerken van de verschillende vogels worden uitgediept, zoals grootte, kleuren en vormen. Daarnaast worden de eigenschappen van vogels besproken, of ze tot een bepaalde soort behoren en of waardoor ze gevaarlijk kunnen zijn voor andere soorten of voor mensen. De leerkracht stelt verhelderende vragen.

​Oriënteren, staan de vogels op jullie lijstje?

 Wanneer de leerlingen voldoende hebben gekeken en gepraat met elkaar, beschouwen ze met de hele groep het schilderij op het digitale bord. Ze bespreken de vogels die ze kennen.

Oriënteren, wat valt jullie op?

 De leerlingen geven betekenis aan het schilderij uit de 17e eeuw en de leerkracht stelt verdiepende vragen. Met de kennis die ze in vorige lessen en in deze les hebben opgedaan letten ze daarbij op de beeldaspecten en de functie daarvan (grootte, licht, donker, compositie).


 

​Onderzoeken

​Onderzoeken, de opdracht 

De leerkracht bespreekt met de leerlingen de opdracht. Ze vraagt hen om op internet en in boeken een aantal vogels op te zoeken die ze willen gebruiken voor hun compositie waarbij ze kenmerken van drie verschillende vogels gaan samenvoegen. De vogel moet realistische kenmerken hebben die redelijkerwijs in orde van grootte bij elkaar passen (geen karikaturen).

​Onderzoeken, zoekende

Allerlei associaties komen los.
Helaas blijkt er te weinig tijd voor het maken van drie schetsen. De leerlingen vinden het moeilijk om een schets uit de losse pols te maken. Ze doen het nauwkeurig en dat kost tijd.
Ook het zoeken naar afbeeldingen van vogels kost veel meer tijd dan gedacht. Sommige leerlingen hebben moeite met keuzes maken. Ze krijgen een extra zetje van de leerkracht.

 

​Uitvoeren

​Uitvoeren, enthousiasme 

De leerling die heel erg druk is en moeite had om zich tijdens de uitleg te concentreren door zijn ADHD-problematiek, maakt vol enthousiasme en gedrevenheid een prachtige schets.

​Uitvoeren, fijne veertjes schilderen 

De meeste leerlingen kiezen voor plakkaatverf en gaan schilderen. De leerkracht geeft suggesties mee voor het gebruik van de verf en de dunne penseeltjes. Verder speelt ze in op het gebruik van deze verf tijdens het rondlopen in de klas terwijl de leerlingen bezig zijn.
Ze werken de vogels verschillend uit. Enkele leerlingen schilderen direct met grove verfstreken en met felle kleuren, andere leerlingen kiezen voor heel gedetailleerde manier van schilderen.
De leerkracht biedt feedback op hoe ze veertjes kunnen aanzetten door bepaalde bewegingen te maken met het penseeltje. Ze laat ook zien hoe je een deel van het vogeltje kunt accentueren door een donkere kleur te gebruiken.


 

​Evalueren

​Evalueren, feedback op de les

Na elke fase van het creatieve proces wordt besproken wat de leerlingen hebben gedaan en de leerkracht vat dit samen vóór ze verder gaan. Soms vraagt ze tussendoor wat de leerlingen vinden van de les.